ECLI:NL:HR:2002:AE1171
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- G.J.M. Corstens
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- B.C. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vermindert geldboete en hechtenis wegens overschrijding redelijke termijn en toepassing notificatierichtlijn wapens en munitie
De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van verdachte tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem dat hem veroordeelde voor het medeplegen van het handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie (oud). De Hoge Raad oordeelde dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden, wat rechtvaardigt dat de straf wordt verminderd.
Daarnaast onderzocht de Hoge Raad de klacht dat het hof ten onrechte de Wet wapens en munitie toepaste zonder dat deze overeenkomstig de notificatierichtlijn 94/10/EG aan de Europese Commissie was gemeld. De Hoge Raad volgde het hof niet en stelde vast dat de wet geen nieuw technisch voorschrift bevat dat aan de notificatieplicht onderworpen is.
De Hoge Raad vernietigde het arrest uitsluitend wat betreft de hoogte van de opgelegde geldboete en de duur van de vervangende hechtenis, waarbij de geldboete werd verminderd tot € 400 en de vervangende hechtenis tot negen dagen. Het beroep werd voor het overige verworpen. De uitspraak werd gewezen door de vice-president en raadsheren op 19 november 2002.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de geldboete tot € 400 en de vervangende hechtenis tot negen dagen, en verwerpt het beroep voor het overige.