ECLI:NL:PHR:2006:AS4911
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid van doorberekening kosten welstandscommissie en omzetbelasting in leges bouwvergunning
Belanghebbende, X B.V., diende een aanvraag in voor een bouwvergunning voor een woningbouwproject in de gemeente Wateringen. De gemeente legde leges op, bestaande uit bouwleges gebaseerd op bouwkosten inclusief omzetbelasting en advieskosten van de welstandscommissie. Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag, onder meer omdat de leges vermeend onredelijk hoog waren en de doorberekening van de welstandskosten niet transparant was.
Het Gerechtshof verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, waarbij het onder meer oordeelde dat de keuze van de gemeente om de bouwkosten inclusief omzetbelasting als heffingsgrondslag te hanteren binnen haar beleidsvrijheid valt en niet onredelijk of willekeurig is. Ook werd geoordeeld dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de leges de kosten zouden overtreffen.
In cassatie betoogde belanghebbende dat het hof ten onrechte de bewijslast bij haar had gelegd en dat de doorberekening van de welstandskosten onwettig was omdat deze niet in de verordening was opgenomen. De Hoge Raad verwierp deze klachten, bevestigde de beleidsvrijheid van gemeenten bij het vaststellen van heffingsgrondslagen, en oordeelde dat de omzetbelasting onderdeel uitmaakt van de bouwkosten. De doorberekening van de welstandskosten werd niet als onredelijk of willekeurig beschouwd.
De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde daarmee de rechtmatigheid van de legesheffing zoals toegepast door de gemeente Wateringen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de legesheffing inclusief doorberekening van de welstandskosten en heffing over bouwkosten inclusief omzetbelasting wordt bevestigd.