ECLI:NL:PHR:2006:AU8042
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende bewijs dwang bij tweede verkrachting
De verdachte werd door het Hof Arnhem veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf wegens twee verkrachtingen gepleegd in augustus en september 2003 in Almelo. Het eerste feit betrof het met geweld dwingen van het slachtoffer tot seksuele handelingen, het tweede feit betrof het dwingen door een feitelijkheid terwijl het slachtoffer in een slaap/waaktoestand verkeerde.
De Hoge Raad oordeelt dat voor dwang in de zin van art. 242 Sr Pro vereist is dat het slachtoffer de seksuele handelingen tegen haar wil heeft ondergaan en dat opzettelijke dwang door de verdachte moet zijn veroorzaakt. Indien het slachtoffer door misleiding in een slaaptoestand handelingen toestaat, is er geen sprake van dwang ex art. 242 Sr Pro, maar mogelijk van art. 243 Sr Pro. Uit de bewijsmiddelen volgt niet dat het tweede feit aan deze vereisten voldoet.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest uitsluitend voor het tweede bewezenverklaarde feit, de strafoplegging en de beslissing op de vordering van de benadeelde partij, en wijst het de zaak terug voor een passende beslissing. Het beroep wordt voor het overige verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het arrest voor het tweede bewezenverklaarde feit wegens onvoldoende bewijs van dwang en bevestigt de veroordeling voor het eerste feit.