ECLI:NL:PHR:2006:AU8172
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toepassing buitengebruikstelling op voertuigen van bedrijfsmatige verhuurders en derden
In deze zaak staat centraal de vraag of het dwangmiddel van buitengebruikstelling van voertuigen, zoals geregeld in artikel 28b van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), ook kan worden toegepast op voertuigen die niet op naam staan van degene aan wie de administratieve sanctie is opgelegd, zoals voertuigen van bedrijfsmatige autoverhuurders die aan derden zijn verhuurd.
De feiten betreffen een auto van Hertz die aan een derde was verhuurd en waarvan de bestuurder onbetaalde administratieve sancties had. De politie stelde de auto buiten gebruik en droeg deze over aan de Dienst der Domeinen. Hertz vorderde onder meer dat deze buitengebruikstelling onrechtmatig was jegens verhuurders en andere kentekenhouders die binnen de uitzondering van artikel 8 sub b Wahv Pro vallen.
De rechtbank en het hof wezen de vorderingen af. De Hoge Raad bevestigt dat de bevoegdheid tot buitengebruikstelling zich ook uitstrekt tot voertuigen die niet op naam staan van degene aan wie de sanctie is opgelegd. Dit is in lijn met het doel van het dwangmiddel om betaling van sancties af te dwingen. De Hoge Raad overweegt dat de wetgever bewust een ruime formulering heeft gekozen om misbruik te voorkomen. De verhuurder loopt het commerciële risico van niet-tijdige teruggaaf en kan dit contractueel afdekken. Ook toetst de Hoge Raad de toepassing aan het EVRM en algemene beginselen van behoorlijk bestuur en acht deze verenigbaar met de wet. De mogelijkheid voor de verhuurder om civielrechtelijke stappen te ondernemen biedt voldoende rechtsbescherming.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat buitengebruikstelling ook kan worden toegepast op voertuigen van derden zoals bedrijfsmatige verhuurders, en wijst het cassatieberoep af.