ECLI:NL:PHR:2006:AW2080
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid accountants wegens onzorgvuldig handelen bij controle Vie d’Or
Deze zaak betreft de aansprakelijkheid van accountants jegens voormalige polishouders van de levensverzekeringsmaatschappij Vie d’Or wegens onzorgvuldig handelen. De accountants gaven bij controle van de jaarrekeningen over 1989 en 1992 een goedkeurende verklaring af, terwijl zij niet beschikten over adequate informatie over de solvabiliteit en administratie van Vie d’Or. Hierdoor werden bestuur, raad van commissarissen en de Verzekeringskamer onvoldoende geïnformeerd over de financiële problemen.
De Hoge Raad bevestigt dat het handelen van de accountants onrechtmatig was jegens de polishouders. Het hof stelde vast dat de accountants ernstig tekort waren geschoten in hun controlerende taak, onder meer door het goedkeuren van een jaarrekening die een geflatteerd beeld gaf, met name door onvoldoende toelichting op het herverzekeringscontract met NRG. Ook faalden zij in het adequaat waarschuwen van de raad van commissarissen.
Het hof oordeelde verder dat er causaal verband bestond tussen het onrechtmatig handelen en de schade van de polishouders, omdat tijdig ingrijpen de problemen had kunnen voorkomen. De accountants konden de schade redelijkerwijs voorzien. De Stichting Vie d’Or kreeg tevens vergoeding van buitengerechtelijke kosten toegekend voor het vaststellen van aansprakelijkheid en schade. De Hoge Raad benadrukt dat het tuchtrechtelijke oordeel niet automatisch de civielrechtelijke aansprakelijkheid bepaalt, maar wel een belangrijke rol speelt.
De uitspraak onderstreept de zorgplicht van accountants tegenover derden die op jaarrekeningen vertrouwen en benadrukt dat het afgeven van een goedkeurende verklaring een zorgvuldige en volledige controle vereist, met adequate informatieverstrekking aan toezichthouders en bestuur.
Uitkomst: Accountants zijn aansprakelijk wegens onzorgvuldig handelen bij controle Vie d’Or en moeten schadevergoeding betalen.