ECLI:NL:PHR:2006:AX3087
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige kinderen bevestigd door Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van ouders tegen de verlenging van de ondertoezichtstelling van vier minderjarige kinderen door het Bureau Jeugdzorg Utrecht. De ondertoezichtstelling was reeds door rechtbank en hof bevestigd vanwege ernstige bedreiging van de gezondheid en ontwikkeling van de kinderen, waaronder schoolverzuim, medische verwaarlozing en contacten met justitie.
De ouders voerden onder meer aan dat de maatregel ongerechtvaardigd was en berustte op discriminatie vanwege hun Roma-achtergrond. Het hof oordeelde dat de verlenging noodzakelijk was ter bescherming van de kinderen en dat het feit dat ouders niet openstaan voor gedwongen hulp geen belemmering vormt voor de maatregel.
De Hoge Raad overweegt dat de motivering van het hof toereikend is en dat de klachten van de ouders niet tot cassatie kunnen leiden. Ook wijst de Hoge Raad de discriminatieclaim af omdat dit een feitelijke beoordeling vergt die niet in cassatie kan worden gedaan. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het verstrijken van de termijn waarvoor de maatregel geldt.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de ouders is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang, waarmee de verlenging van de ondertoezichtstelling is bevestigd.