ECLI:NL:PHR:2007:AZ4065
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over onredelijk bezwarend beding en bewijslevering bij operational lease kopieerapparatuur
In deze zaak stond een geschil centraal tussen een leverancier, een operational lessee en een lessor over de verschuldigdheid van achterstallige leasetermijnen na beëindiging van een operational leaseovereenkomst voor kopieerapatuur. De lessee had de overeenkomst ontbonden wegens vermeende gebreken aan de apparatuur, terwijl de lessor de betaling van de leasetermijnen opeiste.
De kantonrechter wees de vorderingen van de lessor grotendeels toe, maar het hof oordeelde dat het beding dat ontbinding uitsloot onredelijk bezwarend was. Het hof stelde vast dat de apparatuur gebreken vertoonde maar liet de lessor tegenbewijs leveren dat deze gebreken niet van dien aard waren dat het gebruik geheel of in belangrijke mate werd verhinderd.
De Hoge Raad bevestigde dat het hof terecht tegenbewijs heeft toegelaten en dat het beding dat ontbinding uitsloot onredelijk bezwarend was. Ook werd verduidelijkt dat het hof niet definitief had vastgesteld dat de apparatuur gebrekkig was, maar een voorlopig oordeel had gegeven dat herbeoordeling toestond. Daarnaast werd het belang van de bewijslastverdeling en de mogelijkheid tot omkering ervan besproken.
De Hoge Raad verwierp de cassatieklachten en verklaarde het cassatieberoep tegen het tussenarrest niet-ontvankelijk. Hiermee bleef het oordeel van het hof in stand dat de lessee niet gerechtigd was tot ontbinding op grond van ernstige gebreken en dat de leasetermijnen verschuldigd waren.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de leasetermijnen verschuldigd zijn en ontbinding niet gerechtvaardigd was.