ECLI:NL:PHR:2007:AZ9324
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontslag en schorsing van bestuursleden stichting wegens wanbeheer en schending statuten
De zaak betreft het ontslag en de schorsing van bestuursleden van de Dr. A. Fuldauerstichting wegens wanbeheer, waaronder het schenden van het uitkeringenverbod in de statuten. De bestuursleden hadden betalingen ontvangen die in strijd waren met de statuten, waarin geldelijk voordeel voor bestuurders was uitgesloten. De rechtbank had de bestuurders geschorst en ontslagen, en een nieuw bestuurslid benoemd.
Het hof bekrachtigde deze beslissingen en oordeelde dat het handelen van de bestuurders in strijd was met de statuten, omdat zij instemden met betalingen aan zichzelf zonder een reële tegenprestatie, wat als geldelijk voordeel werd aangemerkt. Het hof stelde dat de bestuursleden zich hadden kunnen en moeten realiseren dat deze betalingen niet toelaatbaar waren. De Hoge Raad bevestigt dat voor ontslag op grond van art. 2:298 BW Pro vereist is dat het handelen kennelijk in strijd is met de statuten of wet, zonder ruimte voor redelijk verschil van mening.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat het beginsel van hoor en wederhoor niet absoluut geldt bij het treffen van voorlopige voorzieningen ex art. 2:298 lid 2 BW Pro, mits partijen later in de procedure alsnog hun standpunten kunnen toelichten. Ook het feit dat het hof de voorlopige voorzieningen beoordeelde aan de hand van de feiten ten tijde van zijn beslissing is niet onjuist. Klachten over motivering en procedure worden verworpen. Het cassatieberoep wordt afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het ontslag van de bestuurder wegens wanbeheer en schending van de statuten wordt bevestigd.