ECLI:NL:PHR:2008:BB7667
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling schending geheimhoudingsplicht gemeenteraadslid Vlaardingen
In deze strafzaak werd een gemeenteraadslid uit Vlaardingen veroordeeld voor het opzettelijk schenden van een geheimhoudingsplicht die rustte op een vertrouwelijk rapport. Het rapport was door het college van B&W onder geheimhouding aan de fractievoorzitters en raadsleden verstrekt. Verdachte en zijn medeverdachte hadden dit rapport aan een derde, een aannemer, ter inzage gegeven en met hem besproken, terwijl zij wisten dat dit niet was toegestaan.
De verdediging voerde aan dat de geheimhoudingsplicht niet rechtsgeldig was opgelegd omdat op het rapport zelf geen expliciete melding stond dat het een geheim stuk betrof, en dat zij niet opzettelijk hadden gehandeld omdat zij dachten dat de informatie eigen onderzoek betrof. Het hof oordeelde echter dat de geheimhoudingsplicht ook kan worden opgelegd via een begeleidende brief met de vermelding "persoonlijk en geheim" en dat het voor de geadresseerde kenbaar moet zijn dat geheimhouding geldt.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het middel dat stelde dat de melding op het stuk zelf verplicht was. Ook het verweer dat sprake was van ontbreken van opzet werd verworpen, omdat uit de bewijsmiddelen bleek dat verdachte zich bewust was van de geheimhoudingsplicht. De veroordeling tot een geldboete van €500, subsidiair tien dagen hechtenis, werd daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €500, subsidiair tien dagen hechtenis wegens opzettelijke schending van de geheimhoudingsplicht.