ECLI:NL:PHR:2008:BB8977
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling gemeente voor medeplegen belastingfraude bij aanleg sportpark Etten-Leur
De zaak betreft de strafrechtelijke vervolging van een gemeente (verdachte) vanwege belastingfraude in het kader van een project voor de aanleg van een nieuw sportpark in Etten-Leur. De gemeente werkte samen met een aannemer en een belastingadviseur aan een constructie waarbij de omzetbelasting onjuist werd aangegeven, waardoor te weinig belasting werd betaald.
De constructie hield in dat het sportpark werd teruggeleverd aan de gemeente voor een bedrag van 2,5 miljoen gulden, terwijl de werkelijke waarde ruim 9,2 miljoen gulden bedroeg. De aannemer deed een onjuiste aangifte omzetbelasting over het lagere bedrag, mede door een valse factuur van de gemeente. De gemeente was zich bewust van het fiscale risico en werkte actief mee aan de constructie zonder deze aan de belastingdienst voor te leggen.
De verdediging voerde onder meer immuniteit aan, ontvankelijkheidsverweren en stelde dat de gemeente niet als corporatief dader kon worden vervolgd. Deze verweren werden door het hof verworpen. Het hof oordeelde dat er sprake was van medeplegen met voorwaardelijk opzet en veroordeelde de gemeente tot een geldboete van €95.000.
De Hoge Raad bevestigde deze uitspraak en verwierp de cassatieklachten. De zaak benadrukt de toepassing van strafrechtelijke immuniteit, medeplegen, en de criteria voor voorwaardelijk opzet bij rechtspersonen in fiscale strafzaken.
Uitkomst: De gemeente is veroordeeld tot een geldboete van €95.000 wegens medeplegen van opzettelijk onjuiste aangifte omzetbelasting en valsheid in geschrift.