ECLI:NL:PHR:2008:BC3211
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Wijziging partneralimentatie na echtscheiding bij gewijzigde omstandigheden
De man en vrouw zijn in 1974 gehuwd en in 2002 gescheiden. Bij echtscheiding sloten zij een convenant waarin de man partneralimentatie van €700 per maand aan de vrouw zou betalen, met jaarlijkse indexering en de mogelijkheid tot wijziging bij gewijzigde omstandigheden.
De man verzocht in 2006 de alimentatie te verlagen naar nihil vanwege gewijzigde financiële omstandigheden. De rechtbank stelde de alimentatie bij naar €385, maar het hof verklaarde het verzoek niet-ontvankelijk omdat geen relevante wijziging van omstandigheden was vastgesteld.
De Hoge Raad bevestigt dat wijziging van alimentatie mogelijk is als de behoeften van de alimentatiegerechtigde en de draagkracht van de onderhoudsplichtige wijzigen. Het hof had terecht het referentie-inkomen vastgesteld op het niveau dat de man bij het convenant voor ogen had, namelijk het verhoogde inkomen, en niet het lagere inkomen van voor die tijd.
De Hoge Raad benadrukt dat echtgenoten bij het aangaan van een alimentatieovereenkomst bewust kunnen afwijken van wettelijke maatstaven, en dat de rechter terughoudend moet zijn bij wijziging, waarbij aansluiting gezocht moet worden bij de oorspronkelijke bedoeling van partijen.
Het cassatieberoep wordt verworpen omdat geen relevante wijziging van omstandigheden is aangetoond die wijziging van de alimentatie rechtvaardigt.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen omdat geen relevante wijziging van omstandigheden is aangetoond die wijziging van de alimentatie rechtvaardigt.