ECLI:NL:PHR:2008:BF1182
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest hof inzake poging tot afpersing met schroevendraaier wegens onvoldoende strafmotivering
Verdachte werd door het hof veroordeeld voor poging tot afpersing door bedreiging met een schroevendraaier, nadat hij het slachtoffer had bedreigd om geld af te geven. Het hof baseerde zich op verklaringen van het slachtoffer, vond het bezit van een passende schroevendraaier bij verdachte en camerabeelden die verdachte op de plaats delict toonden. Verdachte ontkende de bedreiging en stelde dat hij het slachtoffer slechts had aangesproken over een geldschuld.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof in zijn bewijsredenering terecht had aangegeven waarom het de ontkennende verklaring van verdachte niet geloofde. Wel constateerde de Hoge Raad dat het hof onterecht in de strafmotivering had aangenomen dat verdachte eerder geweldsdelicten tegen hetzelfde slachtoffer had gepleegd, terwijl dit niet uit de stukken bleek. Ook was onvoldoende gemotiveerd waarom de schriftelijke slachtofferverklaring, die niet ter zitting was voorgelezen, werd meegewogen.
De Hoge Raad verwierp klachten over de bewijsmotivering en de toepassing van de Promis-werkwijze, maar achtte de strafmotivering onvoldoende. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest voor wat betreft de strafoplegging en verwees de zaak voor hernieuwde behandeling naar een ander hof. De verbeurdverklaring van de schroevendraaier en de schadevergoeding aan het slachtoffer bleven onbesproken.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd vanwege onvoldoende strafmotivering en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.