ECLI:NL:PHR:2008:BG1663
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid verkrijging IMEI-nummer bij plaatsopneming in auto
In deze zaak stond centraal of de rechter-commissaris en de rechtbank terecht de rechtmatigheid van de verkrijging van een IMEI-nummer van een mobiele telefoon, aangetroffen in een auto, hebben beoordeeld in het kader van een vordering tot machtiging voor het opnemen van telecommunicatie op grond van artikel 126m Sv.
De politie had op basis van een bevel van de officier van justitie zonder toestemming van de rechthebbende een besloten plaats (een auto) betreden en een mobiele telefoon aangetroffen. Door het intoetsen van een code werd het IMEI-nummer zichtbaar gemaakt. De rechter-commissaris wees de vordering tot machtiging af wegens onrechtmatigheid van de verkrijging van het IMEI-nummer, hetgeen door de rechtbank werd bevestigd.
De Hoge Raad herhaalde eerdere jurisprudentie en bevestigde dat de rechter-commissaris bevoegd is om de rechtmatigheid van de aan de machtigingsverzoek ten grondslag liggende gegevens te toetsen, ook al is dit in het algemeen beperkt vanwege de spoedeisendheid van de procedure. Tevens oordeelde de Hoge Raad dat het verkrijgen van het IMEI-nummer door het intoetsen van een code geen plaatsvindt binnen de reikwijdte van artikel 126k Sv, omdat dit geen plaatsopneming of veiligstellen van sporen betreft, maar een opsporingsactiviteit die niet onder die bevoegdheid valt.
De Hoge Raad vernietigde het bestreden vonnis en verwees de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof te Leeuwarden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het bestreden vonnis en verwijst de zaak naar het gerechtshof wegens onrechtmatigheid van de verkrijging van het IMEI-nummer.