ECLI:NL:PHR:2009:BC2877
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van de rechtmatigheid en uitvoerbaarheid van het stelsel van regulerende mineralenheffingen (MINAS) ingevolge de Meststoffenwet
Deze zaak betreft een verzameling van vijftien procedures over heffingen ingevolge de Meststoffenwet, specifiek het stelsel van regulerende mineralenheffingen (MINAS) dat van 1998 tot 2005 gold. Het systeem kende forfaitaire en verfijnde mineralenheffingen gebaseerd op fosfaat- en stikstofgehalten in dierlijke meststoffen. De centrale discussie betreft de nauwkeurigheid van de bemonstering en analyse van meststoffen, de rechtmatigheid van de delegatie van essentiële elementen van de heffing aan lagere regelingen, en de toetsing aan Europees recht en het EVRM.
De Procureur-Generaal concludeert dat de fosfaatheffing niet in stand kan blijven vanwege overschrijding van de wettelijke nauwkeurigheidsnorm van 15% bij bemonstering. De stikstofheffing blijft wel gehandhaafd. Er is geen strijdigheid met de Europese Nitraatrichtlijn of het EG-verdrag inzake gemeenschappelijke marktordening. Ook is geen schending van het recht op eigendom volgens het EVRM vastgesteld. De delegatie van essentiële elementen aan ministeriële regelingen is volgens de Hoge Raad niet toetsbaar aan de Grondwet wegens het toetsingsverbod van formele wetten.
Uit het dossier blijkt dat de bemonstering van meststoffen complex is en dat automatische bemonsteringsapparatuur sinds 2001 is ingevoerd om de nauwkeurigheid te verbeteren. Onderzoeken tonen dat de bemonstering van fosfaat in sommige gevallen de toegestane afwijking overschrijdt, vooral bij bemonstering tijdens het lossen. De verlenging van verrekeningstermijnen en aanpassing van forfaits voor varkensmest zijn getroffen om onrechtvaardigheden te beperken. De zaak benadrukt het spanningsveld tussen milieubeleid, administratieve uitvoerbaarheid en rechtszekerheid.
Uitkomst: De fosfaatheffing wordt vernietigd wegens overschrijding van de nauwkeurigheidsnorm, de stikstofheffing blijft gehandhaafd.