ECLI:NL:PHR:2009:BG4220
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling voor medeplegen diefstal met braak ondanks afwezigheid verdachte
Verdachte werd door het Gerechtshof te Amsterdam veroordeeld tot 84 dagen jeugddetentie wegens medeplegen van diefstal met braak uit een personenauto in Nieuwegein. Verdachte was bij de behandeling van het hoger beroep niet aanwezig, hoewel hij daarvan op de hoogte was en meerdere oproepen had ontvangen. Het hof oordeelde dat verdachte bewust afwezig was en dat zijn recht op aanwezigheid niet was geschonden.
De verdediging verzocht herhaaldelijk om het horen van een getuige, [betrokkene 1], die echter niet verscheen ondanks meerdere oproepen en bevelen tot medebrenging. Het hof verwierp het verzoek tot hernieuwde oproeping omdat het onaannemelijk was dat de getuige binnen een redelijke termijn zou verschijnen.
De bewezenverklaring steunde op meerdere bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van politieagenten, het slachtoffer en de getuige. De verklaring van [betrokkene 1] werd als betrouwbaar beschouwd en ondersteunde de vaststelling dat verdachte samen met [betrokkene 1] een auto openbrak en een sporttas meenam. De Hoge Raad verwierp de middelen van cassatie en oordeelde dat het hof geen verkeerde rechtsopvatting had bij de afhandeling van de afwezigheid van verdachte en het bewijs.
Vanwege overschrijding van de redelijke termijn van de procedure werd de straf verminderd in de mate die de Hoge Raad goeddunkt. Het beroep werd voor het overige verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling en vermindert de straf wegens overschrijding van de redelijke termijn.