ECLI:NL:PHR:2009:BG5629
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadevergoeding bij onteigening landbouwgrond voor aanleg snelweg nabij Venlo
De zaak betreft de cassatie tegen een vonnis over de schadebegroting in verband met de onteigening van circa 4,5 hectare landbouwgrond van eisers tot cassatie, ten behoeve van de aanleg van een snelweg nabij Venlo. De rechtbank had de meeste deskundigenbevindingen gevolgd en de door eisers aangevoerde schadeposten grotendeels verworpen, waaronder waardevermindering bouwplaats, bedrijfsoverplaatsing, milieubezwaren en omrijschade.
Eisers stelden onder meer dat de bouwmogelijkheden door luchtverontreiniging waren belemmerd en dat de milieubelasting en verkeershinder de bedrijfsvoering onmogelijk maakten. De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank en deskundigen deze bezwaren onvoldoende aannemelijk hadden geacht en dat de rechtbank terecht geen nader onderzoek ambtshalve hoefde te verrichten.
Verder werd geoordeeld dat nadelen die niet rechtstreeks en noodzakelijk uit de onteigening voortvloeien, zoals verkeersbelasting door een zandafgraving, niet voor vergoeding in aanmerking komen. Ook mag de rechter zijn oordeel niet baseren op gegevens uit andere procedures zonder dat partijen zich daarover hebben kunnen uitlaten.
De Hoge Raad vernietigde het vonnis vanwege een onjuiste motivering omtrent de verkeersbelasting op de Molenbeekweg, maar verwierp verder de klachten van eisers over de overige schadeposten. De zaak werd terugverwezen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het bestreden vonnis is vernietigd vanwege onjuiste motivering over verkeersbelasting, met terugverwijzing voor verdere behandeling; overige klachten zijn verworpen.