ECLI:NL:PHR:2009:BG7755
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verstekverlening en bewezenverklaring medeplegen verkrachting en diefstal met geweld op Sint Maarten
Deze zaak betreft een cassatieberoep tegen een uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, waarin verdachte is veroordeeld voor medeplegen van diefstal met geweld en medeplegen van verkrachting op Sint Maarten. De Hoge Raad behandelt onder meer de vraag of het verstek tegen verdachte terecht is verleend omdat hij weigerde mee te gaan met de parketpolitie voor de terechtzitting.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof niet onjuist heeft geoordeeld dat verdachte bewust heeft gekozen niet te verschijnen, ondanks dat hij mogelijk nog niet had gegeten. Dit was een keuze voor rekening van verdachte, die daarmee de mogelijkheid ontnam om zijn situatie aan het Hof voor te leggen. De raadsvrouw van verdachte verzocht bovendien om de zaak buiten aanwezigheid van verdachte voort te zetten, wat het Hof niet hoefde te onderzoeken op overleg met verdachte.
Ten aanzien van de bewezenverklaring stelt de Hoge Raad vast dat verdachte samen met mededaders het slachtoffer heeft verkracht onder bedreiging met een vuurwapen en geweld. Diverse verklaringen van het slachtoffer, medeverdachten en politie ondersteunen dit oordeel. Klachten over inconsistenties in de bewezenverklaring en de strafvermindering wegens termijnoverschrijding worden verworpen. Het cassatieberoep wordt verworpen, waardoor de straf van elf jaar en zes maanden gevangenisstraf gehandhaafd blijft.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de verstekverlening en de bewezenverklaring van medeplegen verkrachting en diefstal met geweld; de gevangenisstraf van elf jaar en zes maanden blijft gehandhaafd.