ECLI:NL:PHR:2009:BJ8648
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling voor medeplegen wapens en drugs ondanks doorzoekingsverweer
Verdachte werd door het gerechtshof veroordeeld wegens medeplegen van het voorhanden hebben van twee wapens en 78 XTC-pillen in de gezamenlijke woning met haar partner. De wapens werden aangetroffen tijdens een doorzoeking op 2 november 2004, die aanvankelijk zonder rechterlijke machtiging op grond van artikel 49 WWM Pro werd gestart en later met machtiging van de rechter-commissaris werd voortgezet.
Verdachte voerde in hoger beroep aan dat het bewijs onvoldoende was voor bewustheid van de aanwezigheid van de wapens en drugs, en dat de doorzoeking onrechtmatig was waardoor bewijsuitsluiting zou moeten volgen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht de verklaringen van verdachte en de feitelijke omstandigheden, zoals de gezamenlijke bewoning en de zichtbaarheid van de wapens en pillen, als voldoende bewijs van bewustheid heeft beschouwd.
Ten aanzien van de doorzoeking stelde de Hoge Raad vast dat de initiële doorzoeking op grond van artikel 49 WWM Pro gerechtvaardigd was vanwege betrouwbare informatie over wapens en drugs. De latere voortzetting zonder directe aanwezigheid van de rechter-commissaris was onder de gegeven omstandigheden dringend noodzakelijk en proportioneel, mede gelet op het gevaar van wapens en mogelijke vernietiging van bewijs. Het verweer tegen de rechtmatigheid van de doorzoeking faalde daarmee.
De Hoge Raad verwierp de cassatiemiddelen en bevestigde het arrest van het hof, waarmee de taakstraf van 120 uur (subsidiair 60 dagen hechtenis) gehandhaafd bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte tot een taakstraf van 120 uur voor medeplegen van wapens en XTC-pillen.