ECLI:NL:PHR:2010:BL1015
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over samenhang kosten verwerking rioolslib en beoordeling rioolwater met riolering voor rioolrechtheffing
In deze zaak staat centraal of bepaalde kostenposten, namelijk de verwerking van rioolslib in de afvalverwerkingsinstallatie Noord en de beoordeling van de kwantiteit en kwaliteit van het te ontvangen rioolwater op het rioleringsstelsel, voldoende samenhangen met de riolering om via het rioolrecht te worden verhaald. De gemeente Amsterdam had deze kosten opgenomen in de raming voor het rioolafvoerrecht over 1990, wat belanghebbende betwistte.
De Hoge Raad stelt dat het Hof Arnhem ten onrechte niet gemotiveerd heeft beoordeeld of deze kostenposten meer dan zijdelings verband houden met de riolering. Het Hof ging uit van kosten in plaats van werkzaamheden en gaf geen referentiekader voor de maatstaf 'niet of slechts zijdelings', wat volgens de Hoge Raad onvoldoende is. Ook is onvoldoende ingegaan op het onderscheid tussen verwijdering van rioolslib en de verwerking daarvan, waarbij verwerking meer met zuivering te maken heeft en dus niet via het rioolrecht mag worden verhaald.
Daarnaast behandelt de Hoge Raad formele klachten over de procesorde, waaronder het niet tardief verklaren van een pleitnota en schriftelijke reactie van de gemeente, die volgens belanghebbende te laat waren ingediend. De Hoge Raad oordeelt dat het Hof Arnhem onvoldoende gemotiveerd heeft waarom deze stukken zijn toegelaten en dat de belangen van belanghebbende onvoldoende zijn meegewogen.
De zaak wordt vernietigd en verwezen voor verdere behandeling, waarbij de Hoge Raad benadrukt dat de gemeente op controleerbare wijze moet vastleggen welke kosten zij via welke heffing wil dekken en dat kosten die slechts zijdelings met de riolering samenhangen niet via het rioolrecht mogen worden verhaald.
Uitkomst: Het arrest van Hof Arnhem wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor verdere behandeling.