ECLI:NL:PHR:2010:BM7049
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over kennelijk onredelijk ontslag en weigering passend werk binnen concern
De werknemer, een internationaal vrachtwagenchauffeur, werd door Staned ontslagen. Staned stelde dat zij de werknemer een andere passende functie binnen het concern had aangeboden, welke door de werknemer werd geweigerd. De werknemer vorderde een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. De rechtbank wees de vordering af, maar het hof vernietigde dit vonnis en kende een vergoeding toe, oordelend dat het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege de gevolgen voor de werknemer.
Staned stelde in cassatie dat het hof ten onrechte voorbij was gegaan aan het aanbod van een andere functie binnen het concern. De Hoge Raad bevestigt dat de mogelijkheid om ander passend werk te vinden binnen het concern een relevante omstandigheid is die meegewogen moet worden bij de beoordeling van kennelijk onredelijk ontslag. Het enkele feit dat de werknemer een aanbod weigert, sluit kennelijke onredelijkheid niet uit, maar moet wel in de belangenafweging worden betrokken.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak naar een ander gerechtshof voor hernieuwde beoordeling, waarbij het hof het bewijsaanbod van Staned over het aanbod van ander werk binnen het concern moet meenemen. De uitspraak benadrukt het belang van een volledige belangenafweging en correcte motivering bij ontslagzaken onder art. 7:681 BW Pro.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak naar een ander hof voor hernieuwde beoordeling waarbij het aanbod van passend werk binnen het concern moet worden meegewogen.