ECLI:NL:PHR:2010:BN1716
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling strafmotivering en sanctie door het Hof Amsterdam in hoger beroep
Verdachte werd door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld bij arrest van 3 september 2008 tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Namens verdachte werd cassatieberoep ingesteld met één middel. De Hoge Raad overwoog dat het Hof terecht heeft geoordeeld dat niet kon worden volstaan met een lichtere of andere sanctie dan een onvoorwaardelijke vrijheidsbenemende straf.
De strafmotivering van het Hof voldoet aan de eisen van artikel 359, zesde lid, van het Wetboek van Strafvordering. Het cassatiemiddel faalt en kan worden afgewezen met de motivering zoals bedoeld in artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafrecht. De Hoge Raad zag geen gronden om ambtshalve de bestreden uitspraak te vernietigen.
Hiermee bevestigt de Hoge Raad de rechtmatigheid en de motivering van het opgelegde vonnis, waarmee het beroep van verdachte wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de onvoorwaardelijke gevangenisstraf van het Hof Amsterdam blijft in stand.