ECLI:NL:PHR:2010:BO3523
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bijdrageplicht voor herstel mandelige muur bij onzekere noodzaak funderingsherstel
De zaak betreft een geschil over de bijdrageplicht voor het herstel van een mandelige muur tussen twee panden in Amsterdam. Eisers en betrokkene 1 maakten in 2003 een afspraak waarbij betrokkene 1 een bijdrage van €20.000 toezegde, terwijl later bleek dat het funderingsherstel objectief noodzakelijk was en de wettelijke bijdrageplicht op grond van art. 5:65 BW Pro hoger zou zijn.
De Hoge Raad oordeelt dat partijen bij het maken van de afspraak rekening hielden met onzekerheid over de noodzaak van het herstel. De afspraak werd gezien als een vaststellingsovereenkomst die de wettelijke bijdrageplicht kon opzijzetten. De rechtbank en het hof concludeerden dat betrokkene 1 met de betaling van €20.000 was bevrijd van verdere bijdrageplicht.
Het beroep in cassatie richtte zich op de uitleg van de afspraak, de mate van zekerheid over de funderingsstaat bij het sluiten ervan, en de vraag of afstand van het recht op een hogere bijdrage ondubbelzinnig moest blijken. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat de gemaakte afspraak bindend is, ook gezien het ontbreken van zekerheid over de noodzaak van herstel ten tijde van de overeenkomst.
Ook het argument dat de echtgenote van eiser toestemming had moeten geven, werd verworpen omdat zij geacht werd voldoende geïnformeerd te zijn. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest van het hof dat de afspraak en betaling van €20.000 de bijdrageplicht afdoende regelde.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de afspraak en betaling van €20.000 zijn bindend en sluiten verdere bijdrageplicht uit.