ECLI:NL:PHR:2011:BP6996
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aansprakelijkheid bij verkeersongeval ondanks onduidelijkheid over door rood rijden
Deze zaak betreft een aanrijding op 24 december 2003 tussen twee voertuigen op een met verkeerslichten beveiligde kruising in Eindhoven. Partijen betwisten wie door rood licht is gereden; vaststaat dat één van hen dit heeft gedaan. De rechtbank wees de vordering af omdat niet kon worden bewezen dat eiser door rood reed. Het hof vernietigde dit vonnis en oordeelde dat niet vaststaat wie door rood reed, maar dat eiser aansprakelijk is omdat hij onvoldoende oplettend en gevaarzettend de kruising is opgereden, ondanks dat hij groen licht had.
De Hoge Raad bevestigt dat bij onduidelijkheid over wie door rood reed, de aansprakelijkheid wordt beoordeeld uitgaande van de veronderstelling dat de aangeklaagde bestuurder groen had. Indien deze bestuurder gevaarzettend heeft gehandeld en daardoor een situatie heeft gecreëerd met een grote kans op een ongeval, is hij aansprakelijk op grond van art. 5 WVW Pro en art. 6:162 BW Pro.
De Hoge Raad wijst erop dat alle omstandigheden van het geval moeten worden meegewogen, waaronder het verkeersgedrag van partijen, de overzichtelijkheid van de kruising en eventuele waarschuwingsborden. De rechter mag intuïtieve inzichten gebruiken bij het toewijzen van schuldverdeling. De klachten tegen het oordeel van het hof worden verworpen, waarmee het arrest in stand blijft.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt cassatie en bevestigt aansprakelijkheid bestuurder die onvoldoende oplettend was, ondanks onduidelijkheid wie door rood reed.