ECLI:NL:PHR:2011:BQ3160
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens gegronde bewijsklacht bij ademanalyse en Salduz-verweer
De verdachte werd door het Hof Den Haag veroordeeld voor rijden onder invloed, rijden zonder rijbewijs en het opgeven van valse personalia. Het Hof baseerde zich onder meer op een ademanalyse waarvan de schriftelijke weergave de naam van de verdachte niet vermeldde, maar 'NN'. De verdediging voerde aan dat hierdoor het bewijs niet gebruikt mocht worden. Het Hof verwierp dit omdat de kans dat het formulier bij een ander dan verdachte hoorde nihil was.
Daarnaast voerde de verdediging aan dat de verklaring van de verdachte tegenover de politie niet als bewijs mocht dienen vanwege het Salduz-arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, omdat verdachte niet voorafgaand aan het verhoor was gewezen op zijn recht op een advocaat. Het Hof oordeelde dat het Salduz-verweer slaagde, waardoor de verklaring niet als bewijs werd gebruikt.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof terecht heeft vastgesteld dat de schriftelijke weergave van de ademanalyse, ondanks het ontbreken van de naam, voldoende waarborgen biedt dat het onderzoek correct is uitgevoerd. Het middel dat dit zou berusten op kansberekening faalt. Echter, de bewezenverklaring van de feiten omtrent het opgeven van valse personalia en het rijden zonder rijbewijs is onvoldoende gemotiveerd omdat de verklaringen van verdachte niet als bewijs mogen worden gebruikt zonder advocaatbijstand. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor die feiten en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor de feiten van rijden zonder rijbewijs en het opgeven van valse personalia, met terugwijzing voor hernieuwde berechting.