ECLI:NL:PHR:2011:BQ4391
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest hof wegens onjuiste bewezenverklaring en toetsing psychische overmacht bij poging tot doodslag
Het gerechtshof te 's-Hertogenbosch heeft verdachte veroordeeld voor poging tot doodslag en een voorwaardelijke gevangenisstraf met werkstraf opgelegd. Verdachte had met een breekijzer op het hoofd van het slachtoffer geslagen, maar ontkende duidelijk opzet om het slachtoffer te doden.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat verdachte het bewezenverklaarde, met name het opzet, duidelijk en ondubbelzinnig heeft bekend, terwijl diens verklaring dit niet volledig omvatte. Hierdoor was het niet toegestaan dat het hof volstond met een opgave van bewijsmiddelen volgens art. 359 lid 3 Sv Pro.
Verder is het beroep op psychische overmacht door verdachte afgewezen door het hof, dat oordeelde dat er geen zodanige van buiten komende drang was dat weerstand redelijkerwijs niet kon worden geboden. De Hoge Raad benadrukt de noodzaak van een duidelijke en gestructureerde motivering bij het verwerpen van dit verweer.
De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling, waarbij onder meer de bewezenverklaring en het verweer van psychische overmacht opnieuw moeten worden onderzocht en gemotiveerd.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.