ECLI:NL:PHR:2012:BU6930
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling voor witwassen door politieambtenaar wegens motiveringsgebrek
De zaak betreft een politieambtenaar die werd veroordeeld voor het witwassen van geldbedragen die hij had verkregen door het tegen betaling verstrekken van vertrouwelijke informatie uit politiedatabases. Het hof oordeelde dat het enkele voorhanden hebben van deze geldbedragen, afkomstig uit eigen misdrijven, voldoende was voor een veroordeling wegens witwassen.
De Hoge Raad herhaalt relevante jurisprudentie en stelt dat het enkel voorhanden hebben van opbrengsten uit eigen misdrijf niet automatisch als witwassen kan worden gekwalificeerd. Er moet sprake zijn van een handeling die gericht is op het verbergen of verhullen van de criminele herkomst van het geld. Het hof heeft nagelaten te onderzoeken of dat hier het geval was, waardoor het oordeel onvoldoende gemotiveerd is en berust op een onjuiste rechtsopvatting.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat het hof het witwassen ten onrechte heeft betrokken bij de strafmotivering, hoewel dit de strafoplegging niet per se beïnvloedt vanwege de toepassing van art. 56 Sr Pro over voortgezette handelingen. Ook is de redelijke termijn overschreden, maar dit blijft onbesproken omdat de zaak wordt terugverwezen.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest voor zover het betreft de veroordeling voor witwassen en de strafoplegging, en wijst de zaak terug aan het hof te 's-Gravenhage voor hernieuwde berechting en beslissing.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt veroordeling voor witwassen wegens onjuiste rechtsopvatting en onvoldoende motivering en wijst zaak terug voor hernieuwde berechting.