ECLI:NL:PHR:2012:BU8730
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling voor onvergund aanbieden van beleggingsdiensten wegens gewijzigde strafbaarstelling
De zaak betreft een economische strafrechtelijke procedure tegen een verdachte die tussen 1997 en 2000 zonder vergunning als effectenbemiddelaar diensten zou hebben aangeboden. Het hof had de verdachte veroordeeld voor medeplegen van het onvergund aanbieden van beleggingsdiensten aan in Nederland verblijvende personen.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof het bewezenverklaarde uitsluitend heeft toegespitst op het aanbieden van beleggingsdiensten, hetgeen sinds de inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezicht (Wft) per 1 januari 2007 niet langer strafbaar is. De strafbaarstelling is gewijzigd door implementatie van de Europese MiFID-richtlijn, waarbij het enkele aanbieden van beleggingsdiensten niet meer strafbaar is, maar alleen het daadwerkelijk verrichten van beleggingsactiviteiten.
Daarnaast behandelt de Hoge Raad het verjaringsvraagstuk en bevestigt dat het onder 3 tenlastegelegde feit als een voortdurend commissiedelict moet worden beschouwd, waardoor de verjaring pas begint te lopen na de laatste verrichte handeling. De verjaring is door stuiting verlengd, zodat deze nog niet is ingetreden.
Het middel dat de verdachte niet als medepleger kan worden aangemerkt wordt verworpen, omdat de verdachte nauw betrokken was bij de werkzaamheden en wetenschap had van het onvergund karakter daarvan. Gelet op het gewijzigde strafrechtelijke kader leidt dit tot vernietiging van het arrest en ontslag van alle rechtsvervolging voor het onder 3 bewezenverklaarde feit.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt veroordeling en spreekt verdachte vrij wegens gewijzigde strafbaarstelling van het bewezenverklaarde feit.