ECLI:NL:PHR:2012:BU9898
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Wijziging partneralimentatie met terugwerkende kracht en terugvordering teveel betaalde alimentatie
De zaak betreft een geschil tussen voormalige echtgenoten over de wijziging van partneralimentatie met terugwerkende kracht en de vraag of de vrouw teveel betaalde alimentatie moet terugbetalen. De man had verzocht de alimentatie te verlagen en stelde dat hij teveel betaalde alimentatie niet zou terugvorderen. Het hof had de alimentatie verminderd met ingang van een datum in het verleden en bepaald dat de vrouw het teveel ontvangen niet hoefde terug te betalen.
De man stelde in cassatie dat het proces-verbaal van de zitting iets anders vermeldde dan het hof aannam, namelijk dat hij wel degelijk terugvordering van teveel betaalde alimentatie wilde. De vrouw klaagde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de wijziging met terugwerkende kracht was vastgesteld. De Hoge Raad overwoog dat de rechter niet gebonden is aan het proces-verbaal, maar dat het hof zijn vaststelling over het afstand doen van terugvordering onvoldoende had gemotiveerd, zeker omdat het proces-verbaal het tegendeel leek te zeggen.
Ook oordeelde de Hoge Raad dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de ingangsdatum van de wijziging was vastgesteld op de datum van het verzoekschrift, terwijl de vrouw stelde dat zij financieel niet in staat was teveel ontvangen alimentatie terug te betalen. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug voor nadere behandeling en beslissing, waarbij ook de mogelijkheid van betaling in termijnen moet worden betrokken.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor nadere behandeling over terugvordering en ingangsdatum wijziging alimentatie.