ECLI:NL:PHR:2012:BV2942
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens belaging ex-partner met stelselmatige inbreuk op persoonlijke levenssfeer
De verdachte werd door het hof veroordeeld wegens belaging van zijn ex-partner door gedurende ongeveer negen maanden stelselmatig en wederrechtelijk inbreuk te maken op haar persoonlijke levenssfeer. Dit gebeurde door het sturen van dwingende en bedreigende sms-berichten, frequent telefonisch contact, hinderlijk volgen en aanwezigheid nabij haar woning.
De verdediging voerde aan dat er geen sprake was van wederrechtelijkheid en stelselmatigheid, omdat het contact voortkwam uit het gezags- en omgangsrecht met hun gezamenlijke dochter. Het hof verwierp dit verweer en achtte de gedragingen van verdachte zodanig frequent en langdurig dat sprake was van belaging.
Een voorwaardelijk getuigenverzoek van de verdediging werd niet expliciet beslist door het hof, wat volgens de Hoge Raad een formeel verzuim is. Echter, dit leidt niet tot cassatie omdat de getuigenverklaringen niet relevant waren voor het bewijs en het verzoek niet noodzakelijk was.
De Hoge Raad bevestigt de bewezenverklaring en veroordeelt verdachte conform het hofarrest. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling wegens belaging met een taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf.