ECLI:NL:HR:2006:AU5632
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens ontbreken beslissing op getuigenverzoek en ontoereikende motivering verbeurdverklaring
De Hoge Raad heeft het arrest van het Gerechtshof Amsterdam vernietigd in een zaak waarin verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van voorbereiden van een feit onder de Opiumwet en medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met die wet.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof niet uitdrukkelijk had beslist op een door de verdediging ingediend getuigenverzoek ex art. 315 jo Pro. 328 Sv, namelijk het horen van de politieapotheker over de betrouwbaarheid van een narco-tester onderzoek. Dit verzuim leidt tot nietigheid van het arrest.
Daarnaast was de motivering van de verbeurdverklaring van €15.350,- ontoereikend; het hof had onvoldoende toegelicht waarom het geld verband hield met de bewezenverklaarde feiten. Ook constateerde de Hoge Raad een overschrijding van de redelijke termijn in cassatie, die bij een eventuele strafoplegging door de terugverwezen rechter in aanmerking moet worden genomen.
De zaak is terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting en afdoening.
Uitkomst: Arrest van het hof vernietigd wegens niet beslissen op getuigenverzoek en ontoereikende motivering verbeurdverklaring; zaak terugverwezen.