ECLI:NL:PHR:2012:BV6996
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van voorwaarden bij TBS-maatregel zonder dwangverpleging en proportionaliteitstoets
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie jaar, waarvan twee jaar voorwaardelijk, en terbeschikkingstelling (TBS) met voorwaarden opgelegd. De verdachte was veroordeeld voor acht feiten van feitelijke aanranding van de eerbaarheid. Het hof stelde een reeks gedragsvoorwaarden vast, waaronder verblijf bij ouders, een uitreisverbod, alcohol- en drugsverbod, en toezicht door Reclassering Nederland.
De verdachte stelde cassatie in tegen vier van deze voorwaarden, stellende dat deze in strijd zouden zijn met internationale verdragsregels en disproportioneel zouden zijn. De Hoge Raad overwoog dat de voorwaarden onderdeel zijn van een samenhangend geheel dat gericht is op effectieve behandeling en het voorkomen van nieuwe strafbare feiten. De beperkingen zijn niet in strijd met de beginselen van subsidiariteit en proportionaliteit, noch met art. 38a Sr of relevante verdragsbepalingen zoals art. 12 IVBPR Pro en art. 2 van Pro het Vierde Protocol EVRM.
De Hoge Raad benadrukte dat bij TBS met voorwaarden de gedragsbeïnvloeding en beveiliging zwaarder wegen dan bij voorwaardelijke veroordelingen, waardoor beperkingen zoals een uitreisverbod gerechtvaardigd kunnen zijn. Ook het verblijfadres bij ouders en het alcohol- en drugsverbod zijn passend geacht. Het middel werd verworpen en de opgelegde voorwaarden bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de opgelegde voorwaarden bij TBS met voorwaarden proportioneel zijn en niet in strijd met internationale verdragsregels.