ECLI:NL:PHR:2012:BV7019
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende motivering betrouwbaarheid getuigenverklaringen
In deze zaak heeft het hof de verklaringen van drie getuigen als bewijs gebruikt, maar heeft het niet in het bijzonder de redenen vermeld waarom deze verklaringen betrouwbaar zijn, wat in strijd is met artikel 359, tweede lid, tweede volzin van het Wetboek van Strafvordering.
De verdediging had de betrouwbaarheid van de getuigenverklaringen betwist en verzocht om het horen van de getuigen ter terechtzitting, wat het hof toestond. De getuigen verschenen echter, maar weigerden vragen te beantwoorden of de eed af te leggen.
Daarnaast speelde de vraag of het proces van verdachte geschorst had moeten worden vanwege diens vermeende detentie in het buitenland. Het hof vond dat er onvoldoende aanwijzingen waren om de zaak aan te houden.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de belastende verklaringen van de getuigen betrouwbaar zijn, terwijl de verdediging dit ter discussie stelde. Ook oordeelt de Hoge Raad dat het hof terecht heeft besloten de zaak voort te zetten ondanks de afwezigheid van verdachte. De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling.
Uitkomst: Arrest van het hof vernietigd wegens onvoldoende motivering betrouwbaarheid getuigenverklaringen; zaak terugverwezen voor hernieuwde behandeling.