ECLI:NL:PHR:2012:BW4988
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van de vaststelling van partneralimentatie en de toepassing van de 60%-regel bij echtscheiding
In deze zaak staat de vaststelling van de partneralimentatie na echtscheiding centraal, waarbij de vrouw een maandelijkse bijdrage van € 3.300,- vordert. De rechtbank Arnhem sprak de echtscheiding uit en bepaalde de alimentatie op € 2.184,- per maand. Het hof Arnhem stelde deze alimentatie vast op € 1.184,- per maand, waarbij het de zogeheten 60%-regel toepaste, die inhoudt dat de behoefte van de onderhoudsgerechtigde wordt gesteld op 60% van het netto gezinsinkomen minus de kosten van het kind.
De man stelde in hoger beroep en cassatie onder meer dat het hof een onjuiste rechtsopvatting had door de behoefte forfaitair vast te stellen en onvoldoende rekening te houden met de bijzondere omstandigheden, zoals dubbele woonlasten en de buitenlandtoelage die hij ontving vanwege uitzending naar Noorwegen. Het hof oordeelde dat de 60%-regel passend was omdat partijen zelf van deze norm waren uitgegaan en dat de buitenlandtoelage deels ten goede kwam aan het gezin, onder meer ter dekking van dubbele woonlasten.
De Hoge Raad bevestigt dat de alimentatierechter bij de bepaling van de behoefte alle relevante omstandigheden moet betrekken en dat een forfaitaire maatstaf niet zonder meer mag worden toegepast. Echter, indien partijen zelf uitgaan van de 60%-regel en het hof dit zorgvuldig toepast met inachtneming van de feiten en stellingen, is dit niet onjuist. Het hof heeft bovendien een feitelijk oordeel gegeven over de aanwending van de buitenlandtoelage, dat niet onbegrijpelijk is. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en de partneralimentatie vastgesteld door het hof blijft ongewijzigd.