ECLI:NL:PHR:2012:BX5573
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt juiste oproeping bij ontheffing ouderlijk gezag ondanks niet verschijnen
Deze zaak betreft een verzoek tot ontheffing van het ouderlijk gezag over een minderjarige, waarbij de moeder en vader gezamenlijk het gezag uitoefenden. De rechtbank heeft de ouders ontheven van het gezag en de Stichting Bureau Jeugdzorg benoemd tot voogd. De moeder stelde hoger beroep in tegen deze beschikking, maar verscheen niet op de zitting, evenals de vader en andere belanghebbenden.
De moeder klaagde in cassatie dat zij en andere partijen niet deugdelijk waren opgeroepen voor de zitting, ondanks dat het hof had geoordeeld dat de oproeping correct was verlopen. De advocaat van de moeder had meerdere malen aan het hof gevraagd om opheldering over de vermeende niet-ontvangen oproepingsbrieven.
De Hoge Raad overwoog dat het beginsel van hoor en wederhoor en zorgvuldige oproeping van groot belang zijn, zeker bij ingrijpende maatregelen zoals ontheffing van gezag. Uit het dossier bleek dat de oproepingsbrieven per gewone post waren verzonden aan alle belanghebbenden, waaronder de advocaat van de moeder. De Raad was wel verschenen, wat erop wijst dat de oproepingsbrieven doorgaans aankomen.
Het hof had op de zitting onderzocht of de oproeping correct was en vastgesteld dat dit het geval was. De Hoge Raad bevestigde dat het hof niet verplicht was nader onderzoek te doen naar de redenen van het niet verschijnen nadat de oproeping was vastgesteld als deugdelijk. De klacht faalde en de conclusie tot verwerping werd gegeven.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de moeder en andere belanghebbenden deugdelijk waren opgeroepen.