ECLI:NL:PHR:2012:BX9021
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat koopovereenkomst niet onder opschortende voorwaarde tot splitsingsvergunning viel
Verzoekster en verweerder sloten een koopovereenkomst voor een erfpachtrecht op een perceel in Sint Maarten, waarbij levering afhankelijk werd geacht van het verkrijgen van een splitsingsvergunning. Verzoekster betaalde aanzienlijke bedragen, waaronder bouwkosten en hypotheekschuldaflossingen. De vergunning werd echter nooit verkregen, en levering bleef uit.
In eerste aanleg en hoger beroep werden vorderingen van verzoekster afgewezen. Het Hof oordeelde dat de overeenkomst niet nietig was en dat de betalingen een rechtsgrond hadden in de koopovereenkomst, die niet onder een opschortende voorwaarde was gesloten. Verzoekster stelde in cassatie dat het niet verkrijgen van de vergunning de betalingen onverschuldigd maakte, maar dit werd verworpen.
De Hoge Raad stelde vast dat het middel onvoldoende onderbouwd was en dat het Hof terecht oordeelde dat de koopovereenkomst rechtskracht bezat en niet onder een opschortende voorwaarde viel. De stelling dat de overeenkomst onder een opschortende voorwaarde was gesloten kon niet voor het eerst in cassatie worden ingebracht. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vorderingen van verzoekster afgewezen.