ECLI:NL:PHR:2012:BY3123
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg derdenbeding in CAR-verzekering en toepassing Haviltex-maatstaf bij onderaannemer
In deze zaak gaat het om de uitleg van een derdenbeding in een CAR-verzekering die Vekoma heeft afgesloten en waarbij Alheembouw als onderaannemer aanspraak maakt op dekking voor schade bij werkzaamheden aan een achtbaanproject. De verzekeraars betwisten de dekking omdat het project een turn key-project betreft, waarvoor volgens hen geen verzekeringsdekking geldt.
De rechtbank Rotterdam oordeelde dat de verzekeraars het bewijs moesten leveren dat turn key-projecten zijn uitgesloten van dekking. Na getuigenverhoren concludeerde de rechtbank dat deze uitsluiting inderdaad was overeengekomen tussen Vekoma en de verzekeraars en dat Alheembouw hieraan gebonden is, ook al was zij niet partij bij de verzekeringsovereenkomst.
Het hof 's-Gravenhage bevestigde dit oordeel en paste bij de uitleg van het derdenbeding de Haviltex-maatstaf toe. Het hof vond dat Alheembouw het derdenbeding niet kon aanvaarden voor het turn key-project en dat een objectieve uitleg niet aan de orde was omdat er geen sprake was van een grote groep derden (massaliteit) en Alheembouw een professionele partij is met een onderzoeksplicht.
De Hoge Raad bevestigt dat de Haviltex-maatstaf ook bij derdenbedingen in verzekeringen geldt en dat de uitleg mede afhangt van de omstandigheden van het geval. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en oordeelt dat het hof geen onjuiste rechtsopvatting heeft gegeven door de bedoelingen van partijen bij de uitleg te betrekken en dat het beroep op art. 3:36 BW Pro onvoldoende concreet was om tot een andere uitkomst te leiden.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hof heeft terecht geoordeeld dat geen dekking bestaat voor het turn key-project onder de CAR-verzekering.