ECLI:NL:PHR:2012:BY5672
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep en cassatie over bedreiging en openlijke geweldpleging met strafmotivering en strafoplegging
Verdachte werd door het gerechtshof te Leeuwarden op 23 juni 2011 veroordeeld wegens medeplegen van bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en openlijke geweldpleging in vereniging. De straf bestond uit een gevangenisstraf van acht weken plus tenuitvoerlegging van eerder voorwaardelijke straffen. Verdachte en zijn zoon hadden zich schuldig gemaakt aan verbale bedreiging van een gezin, inclusief een jong kind, en openlijke geweldpleging jegens een van de gezinsleden.
Het hof motiveerde de straf mede op basis van de ernst van het bewezenverklaarde, de persoon van verdachte en diens strafblad, dat sinds 1984 meerdere veroordelingen voor geweldsdelicten bevatte. Verdachte was niet verschenen bij de zittingen, wat het hof interpreteerde als het afwijzen van verantwoordelijkheid. De advocaat-generaal bij de Hoge Raad stelde echter dat de reden voor afwezigheid (financiële beperkingen) dit oordeel niet zonder meer begrijpelijk maakt.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende rekening had gehouden met de gegeven reden voor afwezigheid en vernietigde het arrest voor zover het de strafoplegging betreft. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling van de strafmaat. De overige klachten over de strafmotivering werden verworpen, waarbij het hof terecht rekening hield met omstandigheden waaronder de feiten waren begaan, waaronder eerdere incidenten tussen de betrokken families en het gedrag onder invloed van alcohol.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor zover het de strafoplegging betreft en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.