ECLI:NL:PHR:2012:BY8161
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Giftenaftrek bij periodieke uitkeringen uit nalatenschap en waardering van termijnen
In deze zaak staat centraal of een erfgenaam giftenaftrek kan toepassen voor periodieke uitkeringen die voortvloeien uit een schenking van de moeder, waarbij de verplichting tot betaling onder algemene titel op de erfgenamen is overgegaan. De moeder had een periodieke schenking in natura gedaan aan een algemeen nut beogende stichting, bestaande uit certificaten van aandelen, met een looptijd van vijf jaar. Na haar overlijden zijn de erfgenamen verplicht tot nakoming van deze schenking en het betalen van het schenkingsrecht.
De Rechtbank verwierp de aftrek wegens het ontbreken van vrijgevigheid en het niet voldoen aan de eis van vaste en gelijkmatige uitkeringen. Het Hof stelde echter dat de toetsing van vrijgevigheid en de eis van vaste en gelijkmatige uitkeringen plaatsvindt op het moment van de schenking door de moeder. De erfgenamen kunnen de giftenaftrek toepassen bij voldoening van de termijnen, ook al vindt betaling soms later plaats dan oorspronkelijk gepland. De tweede termijn werd als rentedragend beschouwd en moest daarom in het jaar van rentedragend worden in aanmerking worden genomen.
In cassatie werd geoordeeld dat de tweede termijn niet rentedragend was in de zin van de wet en dat aftrek dus in 2003 mogelijk was. De waardering van de gift moet plaatsvinden op het moment van terbeschikkingstelling van de termijnen, niet op het moment van toezegging. Betalingen van het schenkingsrecht door de erfgenamen kunnen niet als gift worden aangemerkt. De Hoge Raad bevestigde dat de giftenaftrek ook geldt voor erfgenamen die een schenking onder algemene titel nakomen, mits de schenking bij leven van de schenker uit vrijgevigheid is gedaan en de wettelijke voorwaarden zijn vervuld.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat erfgenamen giftenaftrek kunnen toepassen voor periodieke uitkeringen uit een nalatenschap, waarbij waardering plaatsvindt bij terbeschikkingstelling, maar weigert aftrek voor betaling van het schenkingsrecht.