ECLI:NL:PHR:2013:BY8357
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid hoger beroep in ontnemingszaak ondanks onvolledige volmacht
De zaak betreft een hoger beroep in een ontnemingszaak waarbij betrokkene door een griffiemedewerker hoger beroep liet instellen op basis van een schriftelijke volmacht van zijn advocaat. Het hof verklaarde betrokkene niet-ontvankelijk omdat de volmacht niet voldeed aan alle wettelijke eisen, met name ontbraken een instemming met ontvangst van oproeping door griffiemedewerker en een adres voor toezending.
De Hoge Raad bevestigt dat de eisen aan een schriftelijke volmacht van een advocaat aan een griffiemedewerker in ontnemingszaken gelijk zijn aan die in strafzaken, zoals geformuleerd in art. 450 Sv Pro en jurisprudentie. Echter, de Hoge Raad oordeelt dat indien ter terechtzitting een gemachtigde raadsman verschijnt en verklaart dat de volmacht met instemming van betrokkene is verleend, het verzuim kan worden hersteld.
In deze zaak heeft de raadsman op de terechtzitting verklaard dat de volmacht met instemming van betrokkene is verleend en dat het opgegeven adres de locatie van de penitentiaire inrichting is. Hierdoor is het belang van de wettelijke eisen niet geschaad en kan het verzuim worden gedekt. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en wijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en wijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling wegens herstel van verzuim in de volmacht.