Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding: wat eraan vooraf ging
2.De feiten van de zaak
3.Loop van het geding tot en met het arrest van het HvJ
4.Wat het HvJ besliste en wat de Hoge Raad nog moet beoordelen
staat vast dat dit goed niet in het economische circuit is terechtgekomen zonder te zijn ingeklaard. Daaruit volgt,
onder voorbehoud dat de verwijzende rechter dit nagaat,
dat lijkt te zijn uitgeslotendat artikel 203 van Pro het douanewetboek van toepassing is op de feiten in het hoofdgeding.”
Partant, il est constant que cette marchandise n’a pas été intégrée dans le circuit économique sans être dédouanée. Il s’ensuit que,
sous réserve de vérification par la juridiction de renvoi, il semble excluque l’article 203 du code des douanes s’applique aux faits en cause au principal.”
it is undisputed that those goods have not entered the economic networks without having been cleared through customs. It follows that,
subject to verification by the referring court, it seems inconceivablethat Article 203 of the Customs Code could apply to the facts at issue in the main proceedings.”
Mithin steht fest, dass diese Ware nicht ohne Abfertigung in den Wirtschaftskreislauf gelangt ist.Folglich ist
es – vorbehaltlich einer Überprüfung durch das vorlegende Gericht – dem Anschein nach ausgeschlossen,dass Art. 203 des Pro Zollkodex auf den Sachverhalt des Ausgangsverfahrens Anwendung findet.”
lijktdat artikel 203 van Pro het CDW niet van toepassing is, maar dat zij daadwerkelijk uitsluiten dat de dieselmotor niet aan het douanetoezicht is onttrokken. Een andere lezing van de overweging – althans van het aanwijzende voornaamwoordje – zou immers betekenen dat de Hoge Raad moet nagaan wat al vaststaat. Dat lijkt mij zin-, en betekenisloos.
als elk handelen of nalaten als gevolg waarvan de bevoegde douaneautoriteit, zelfs slechts tijdelijk, de toegang wordt belemmerd tot onder douanetoezicht staande goederen en hem wordt belet de in artikel 37, lid 1, van het douanewetboek bedoelde controles uit te voeren(arresten D. Wandel, C‑66/99, EU:C:2001:69, punt 47; Liberexim, C‑371/99, EU:C:2002:433, punt 55, en Hamann International, EU:C:2004:90, punt 31).”
het lossen van de goederen en het in het handelsverkeer brengen daarvan, een onttrekking aan het douanetoezicht vormen, (…).” [16]
dit [neemt] niet weg’ de indruk dat toch eigenlijk geen sprake is van een onttrekking, tenzij het risico bestaat dat het goed oningeklaard in het economische circuit van de Unie is terechtgekomen. Maar dat past niet in de lijn van de eerder aangehaalde onttrekkingsjurisprudentie van het HvJ dat voor een onttrekking niet relevant is dat het goed niet in het economische circuit terechtkomt. En het kan toch ook niet zijn dat het HvJ heeft bedoeld dat sprake kan zijn van een onttrekking wanneer het goed niet zoek is geweest en/of wanneer controles wel konden worden uitgevoerd?
may meanthat the inability to give access to those goods is more than merely temporary, nonetheless, according to case-law, the application of Article 203 of the Customs Code is justified where the disappearance of the goods entailed a risk of entry into the economic networks of the European Union (see, to that effect, Liberexim EU:C:2002:433, paragraph 56, and Case C‑300/03 Honeywell Aerospace EU:C:2005:43, paragraph 20).”
puisse constituerune impossibilité d’accéder à celle-ci
qui n’est pas que momentanée, il n’en demeure pas moins que, selon la jurisprudence, l’application de l’article 203 du code des douanes est justifiée lorsque la disparition de la marchandise présentait un risque d’intégration dans le circuit économique de l’Union européenne (voir, en ce sens, arrêts Liberexim, EU:C:2002:433, point 56, et Honeywell Aerospace, C‑300/03, EU:C:2005:43, point 20).”
nur vorübergehender Natur bestanden haben kann, nach der Rechtsprechung die Anwendung von Art. 203 des Pro Zollkodex gerechtfertigt ist, wenn das Verschwinden der Ware die Gefahr eines Eintritts in den Wirtschaftskreislauf der Europäischen Union mit sich brachte (vgl. in diesem Sinne Urteile Liberexim, EU:C:2002:433, Rn. 56, und Honeywell Aerospace, C‑300/03, EU:C:2005:43, Rn. 20).”
tenzij de persoon die mogelijkerwijze de schuldenaar is, aantoont dat de in artikel 859 bedoelde Pro voorwaarden zijn vervuld.”
staat het aan de verwijzende rechterom de in het kader van de toepassing van de artikelen (…) en 859, lid 2, sub c, van de uitvoeringsverordening
aangevoerde rechtvaardigingen te beoordelen.”
onttrokkenaan de in deze bepalingen genoemde ‘regelingen’.
vindt het belastbare feit plaats (…) op het tijdstip waarop de goederen aan deze regelingen worden onttrokken.
onder een regeling voor extern communautair douanevervoerwordt geplaatst, [vindt] de invoer van dat goed plaats in de lidstaat op het grondgebied waarvan het goed aan die regelingen wordt onttrokken.”
soustraction à la surveillance douanière’. Onttrekken in de zin van de artikelen 7, lid 3 en 10, lid 3, van de Zesde richtlijn is het Frans echter ‘
sortir de ces régimes’, een term die ook wordt gehanteerd in de overwegingen in arrest C-480/12 over de vraag of een douaneschuld in de zin van artikel 204 van Pro het CDW ook een omzetbelastingschuld oplevert (‘sortie du régime’).
removal from customs supervision’, maar vindt invoer in de zin van artikel 7, lid 3 en 10, lid 3, van de Zesde richtlijn plaats wanneer goederen ‘
cease to be covered by the procedure’. Die laatste term wordt ook gehanteerd in de Engelse versie van de vorenaangehaalde overwegingen van arrest C-480/12.
Entziehen der zollamtlichen Überwachung’, terwijl in de artikelen 7, lid 3 en 10, lid 3, van de Zesde richtlijn en in de vorenaangehaalde overwegingen, de term ‘
nicht mehr diesen Regelungen unterliegt’ wordt gehanteerd.