Conclusie
Het middel
CBP Richtsnoeren ANPR, De toepassing van automatische kentekenherkenning door de politieuit juli 2009 en in het daarop voortbouwende rapport van het CBP uit 2010 over de onderhavige methode (
ANPR IJsselland, Onderzoek naar de verwerking van no-hits bij de inzet van Automatic Number Plate Recognition). Dat oordeel is als ik het allemaal goed begrijp vooral gebaseerd op de uitleg die het College geeft aan art. 3 Wpg Pro en art. 4 lid 2 Wpg Pro. Volgens art. 3 lid 1 Wpg Pro mogen politiegegevens slechts worden verwerkt “voor zover dit noodzakelijk is voor de bij of krachtens deze wet geformuleerde doeleinden”. Art. 3 lid 2 Wpg Pro houdt onder meer in dat politiegegevens slechts verwerkt worden voor zover zij, “gelet op de doeleinden waarvoor zij worden verwerkt, toereikend, terzake dienend en niet bovenmatig zijn”. Het tweede lid van art. 4 Wpg Pro brengt mee dat politiegegevens moeten worden verwijderd of vernietigd zodra zij niet langer noodzakelijk zijn voor het doel waarvoor zij zijn verwerkt.
gegevendat de automatische nummerherkenning een beperkt doel heeft. Dat kentekens slechts met dat beperkte doel mogen worden gefotografeerd en verwerkt, volgt daaruit niet.