ECLI:NL:PHR:2014:2696
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofarrest en verwijst terug wegens onvoldoende motivering strafoplegging bij diefstal
De verdachte werd door de politierechter veroordeeld tot een gevangenisstraf van een week wegens diefstal van negentien pakjes scheermesjes bij Albert Heijn. Het hof bevestigde dit vonnis, waarbij het rekening hield met recidive en de ernst van het feit. De verdediging voerde in hoger beroep aan dat rekening moest worden gehouden met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder een verslaving en een lopend behandeltraject in Duitsland, en verzocht om een voorwaardelijke straf of werkstraf.
Het hof verwierp dit verzoek en handhaafde de onvoorwaardelijke gevangenisstraf, stellende dat eerdere werkstraffen en voorwaardelijke straffen de verdachte niet weerhielden van recidive. De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof onvoldoende is ingegaan op het uitdrukkelijk en onderbouwd aangevoerde standpunt van de verdediging over de gewijzigde persoonlijke omstandigheden en het doorbreken van het criminele patroon.
De Hoge Raad stelt dat het hof niet voldeed aan de responsieplicht van artikel 359, tweede lid, tweede volzin Sv, omdat het niet adequaat heeft gemotiveerd waarom het afwijkt van het strafmaatverweer. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het de strafoplegging betreft en verwijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling van de straf.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof wegens onvoldoende motivering van de strafoplegging en verwijst de zaak terug voor nieuwe beoordeling.