Conclusie
.
Beslag
Parket bij de Hoge Raad
In deze zaak heeft de verdachte beroep ingesteld tegen het arrest van het hof waarin onder meer een bedrag van €14.500,- dat in beslag was genomen, werd verbeurd verklaard. De verdachte betoogde dat het oordeel van het hof onbegrijpelijk en onvoldoende gemotiveerd was.
Het hof had overwogen dat het geldbedrag een voorwerp was waarmee het bewezen verklaarde witwassen was gepleegd, en daarom vatbaar was voor verbeurdverklaring. Het hof had daarnaast een deel van het geld, €489,40, teruggegeven omdat dit deel kennelijk spaargeld betrof en niet bestond uit coupures van €500,-.
De Hoge Raad oordeelt dat het oordeel van het hof niet onbegrijpelijk is en voldoende is gemotiveerd. De verbeurdverklaring van het geld is gerechtvaardigd omdat het een voorwerp is waarmee het strafbare feit is begaan. De teruggegeven som doet hieraan niet af omdat het hof aannemelijk achtte dat dit deel niet verband hield met het strafbare feit.
Het beroep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand. De Hoge Raad ziet geen gronden om ambtshalve te vernietigen.
Uitkomst: Het beroep wordt verworpen en het hof heeft de verbeurdverklaring van €14.500,- terecht en voldoende gemotiveerd.