ECLI:NL:PHR:2014:578
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toepassing en verlenging van de schuldsaneringsregeling bij echtelieden onder huwelijkse voorwaarden
Verzoekers, echtelieden onder huwelijkse voorwaarden, werden failliet verklaard en vervolgens werd hun faillissement opgeheven met toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank beëindigde deze regeling tussentijds wegens onvoldoende nakoming van de informatieplicht. Het hof stelde echter vast dat verzoekers uiteindelijk voldoende informatie hadden verstrekt, maar twijfelde over de betrokkenheid van verzoeker 1 bij zakelijke constructies met mogelijke gevolgen voor de boedel.
Het hof oordeelde dat verzoekster 2 geen formele of informele betrokkenheid had bij de constructies en dat haar tekortkoming in informatieverstrekking onvoldoende was voor beëindiging van de regeling. Voor verzoeker 1 was er wel een vermoeden van betrokkenheid, maar het hof gaf hem het voordeel van de twijfel en verlengde de schuldsaneringsregeling met een jaar.
De Hoge Raad bespreekt het onderscheid tussen echtelieden in gemeenschap van goederen en onder huwelijkse voorwaarden, bevestigt het uitgangspunt van individuele beoordeling van schuldsaneringsverzoeken en oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom verzoekster 2 dezelfde sanctie kreeg als verzoeker 1. De Hoge Raad vernietigt het hofarrest voor zover het verzoekster 2 betreft en bevestigt de discretionaire bevoegdheid van de rechter tot verlenging van de schuldsaneringsregeling.
Uitkomst: Het hofarrest wordt vernietigd voor verzoekster 2 en de schuldsaneringsregeling wordt met een jaar verlengd.