Conclusie
middelkomt op tegen de bewezenverklaring voor zover inhoudende dat de verdachte ten tijde van het verwerven en voorhanden krijgen van de tenlastegelegde laptop en televisie wist dat dit van misdrijf afkomstige goederen betroffen.
Parket bij de Hoge Raad
Verdachte werd door het hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld wegens opzetheling van een laptop en televisie die afkomstig waren van een inbraak in een woning te Amersfoort. De goederen werden aangetroffen bij verdachte, die deze via Marktplaats had gekocht en betaald. Het hof oordeelde dat verdachte zijn onderzoeksplicht had geschonden door de goederen op een ongewone locatie (Burger King) af te nemen en alleen een naam van de verkoper te kennen.
De Hoge Raad stelt dat het bewijs ontoereikend is om te concluderen dat verdachte wist dat de goederen van misdrijf afkomstig waren. Verdachte had navraag gedaan naar de herkomst en een redelijke prijs betaald. Het feit dat de televisie voor een relatief lage prijs werd aangeboden en de afhaling op een andere locatie plaatsvond, wekt volgens de Hoge Raad geen zodanige argwaan dat sprake is van bewust aanvaarden van een aanmerkelijke kans.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en wijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling. De conclusie van de Procureur-Generaal benadrukt dat de bewijsvoering onvoldoende is om het vereiste opzet te bewijzen en dat de onderzoeksplicht van de koper niet zo ver reikt dat het bewust aanvaarden van de aanmerkelijke kans kan worden aangenomen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug wegens onvoldoende bewijs voor opzetheling.