Conclusie
1.Feiten
2.Procesverloop
3.Behandeling van de klachten
mogelijkeandere oorzaken. Wat deze zouden zijn en waarom daarvan in casu sprake zou (kunnen) zijn, wordt niet vermeld. Onder 39 wordt betoogd dat geen sprake was van blootstelling aan bovenmatige concentraties, maar ook die stelling heeft handen noch voeten.
onomstotelijkvast [is] komen te staan dat de klachten van [verweerder] gerelateerd zijn aan zijn werkzaamheden voor CPS of diens voorganger (..) en dus dat hij aan ongeoorloofd hoge concentraties vluchtige stoffen c.q. oplosmiddelen is blootgesteld aan OPS (...)? Of kunnen de klachten ook gerelateerd zijn aan andere aandoeningen? (…)” [7] Aldus verliest CPS uit het oog dat het er niet om gaat of een en ander onomstotelijk ts komen vast te staan. Niet alleen omdat voor bewijslevering niet een zó strenge maatstaf geldt, maar ook in het licht van de regel van het arrest Unilever/[A]. [8]
voor die tijdbuitengewoon klein waren” (cursivering toegevoegd). Hetgeen terstond daarop volgt – [verweerder] wist zelf welke risico’s het werk mee kon brengen – is daarmee niet aanstonds te rijmen (eveneens onder 57, met uitwerking onder 58).