Conclusie
4.Middel 1
5.Middel 2
Vordering van de benadeelde partij [betrokkene 1]
Parket bij de Hoge Raad
Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft verdachte veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf wegens voortgezette afpersing gepleegd door meerdere personen, met geweld en bedreiging, waarbij slachtoffers zwaar werden mishandeld en vastgebonden. Tevens legde het hof schadevergoedingsmaatregelen op ten behoeve van twee benadeelde partijen.
Verdachte stelde cassatieberoep in tegen de uitspraak, waarbij onder meer werd geklaagd over een overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep en over de toekenning van wettelijke rente bij de schadevergoedingen aan de benadeelde partijen. De Hoge Raad oordeelde dat de redelijke termijn niet was overschreden, omdat de inzendtermijn van stukken binnen acht maanden was nageleefd en de langere behandeltermijn van ruim 26 maanden niet tot cassatie aanleiding gaf.
Wel werd geoordeeld dat het hof ten onrechte de wettelijke rente bij de schadevergoedingen had toegewezen, omdat niet was gebleken dat deze rente door de benadeelde partijen was gevorderd. De Hoge Raad vernietigde daarom het deel van het arrest dat de wettelijke rente betrof, maar verwierp het cassatieberoep voor het overige. De strafoplegging en overige beslissingen bleven daarmee in stand.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het deel van het arrest over wettelijke rente, bevestigt acht jaar gevangenisstraf en overige schadevergoedingsmaatregelen.