Conclusie
namens de benadeelde partij voorgestelde middelbehelst de klacht dat het hof de benadeelde partij ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard in zijn vordering ten aanzien van de gevorderde verhuiskosten en aan- en verkoopkosten. Volgens de steller van het middel is het oordeel van het hof dat de vordering van de benadeelde partij op deze punten een onevenredige belasting van het strafproces vormt, onvoldoende gemotiveerd.
NJ1999/801 het volgende aangevoerd. Ook ten aanzien van deze posten is sprake van rechtstreekse schade. De verdachte en zijn medeverdachte zijn de woning van de benadeelde partij binnengedrongen, hebben de benadeelde partij onder schot gehouden en hebben hem vastgebonden. Deze actie heeft een diepe indruk gemaakt op de benadeelde partij. Door de overval is de woning voor altijd verbonden met die nare herinnering. De benadeelde partij heeft zijn woning eerst extra beveiligd. Dit bood hem echter onvoldoende geruststelling, waarna hij heeft besloten om met zijn gezin te verhuizen. Er bestaat voldoende causaal verband tussen het misdrijf en de schade, aangezien er geen plannen waren om te verhuizen. Er is tevens sprake van “relativiteit”, aangezien het belang om gevrijwaard te blijven van gewelddadige overvallen in de eigen woning een belang is dat door de overtreden strafbepaling (art. 312 Sr Pro) wordt beschermd. Omdat door de benadeelde partij slechts een (klein) gedeelte van de daadwerkelijke schade wordt gevorderd, kan niet worden gesteld dat de vordering te ingewikkeld is en daarmee een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert, aldus de advocaat van de benadeelde partij. Voorts heeft de advocaat van de benadeelde partij op voornoemde terechtzitting in reactie op het pleidooi van de raadsman van de verdachte nog het volgende opgemerkt. Op grond van het civiele recht vallen ook de verhuiskosten onder “rechtstreekse schade”. Wanneer een trauma zich later manifesteert, heeft dit nog steeds te gelden als rechtstreekse schade. Het begrip “rechtstreekse schade” moet niet zo eng worden uitgelegd als de raadsman van de verdachte heeft bepleit.