Conclusie
eerste middelklaagt dat het Hof ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd, aan de niet-originele dossierstukken van de zaak met parketnummer 02-811728-10 de bijzondere bewijskracht van art. 344, tweede lid, Sv heeft toegekend.
I. vastgestelde feiten en omstandigheden
tweede middelklaagt dat het Hof de bewezenverklaring van het in de zaak met parketnummer 02-811728-10 onder 2 subsidiair tenlastegelegde ontoereikend heeft gemotiveerd, nu uit de gebezigde bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat verdachte het bewezen verklaarde feit heeft gepleegd.
“C.1.
C.2.
derde middelklaagt dat het Hof de bewezenverklaring van het in de zaak met parketnummer 02-811322-11 onder 2 tenlastegelegde ontoereikend heeft gemotiveerd, nu uit de gebezigde bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat verdachte het bewezen verklaarde feit heeft gepleegd.
“F.1.
F.2.
J.1.
K.1.
“L.1.
L.2.
L.3.
vierde, vijfde en zesde middelklagen erover dat het Hof de bewezenverklaring van het in de zaak met parketnummer 02-811322-11 onder 4, 7 respectievelijk 8 tenlastegelegde ontoereikend heeft gemotiveerd, nu uit de gebezigde bewijsmiddelen telkens niet kan worden afgeleid dat verdachte het bewezen verklaarde feit heeft gepleegd.
zevende middelklaagt dat de strafoplegging onbegrijpelijk dan wel ontoereikend gemotiveerd is. Het Hof heeft in strafverzwarende zin omstandigheden meegewogen die de verdachte niet als aparte strafbare feiten ten laste zijn gelegd en die hij niet heeft bekend, aldus de steller van het middel.