ECLI:NL:PHR:2016:1484
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over ne bis in idem bij strafvervolging en GLB-subsidiekorting wegens niet-naleving identificatie- en registratievoorschriften
De zaak betreft een cassatieberoep van het Openbaar Ministerie tegen een niet-ontvankelijkverklaring van het hof Arnhem-Leeuwarden in de strafvervolging van verdachte wegens overtreding van identificatie- en registratievoorschriften voor runderen. Verdachte had reeds een randvoorwaardenkorting op GLB-inkomenssteun gekregen wegens dezelfde feiten. Het hof oordeelde dat deze subsidie-korting een strafrechtelijke sanctie vormde, waardoor het beginsel van ne bis in idem (art. 50 Handvest Pro) werd geschonden en verklaarde het OM niet-ontvankelijk.
De Hoge Raad stelt dat de randvoorwaardenkorting op de subsidie geen strafrechtelijke sanctie is, maar een administratieve maatregel die deel uitmaakt van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en gericht is op het waarborgen van correct gebruik van EU-middelen. De korting heeft geen repressief karakter zoals een strafrechtelijke sanctie. Het hof heeft daarom ten onrechte geoordeeld dat de strafvervolging in strijd is met ne bis in idem.
De Hoge Raad benadrukt de relevante EU-verordeningen en de rechtspraak van het Hof van Justitie EU, waaronder de arresten Käserei Champignon Hofmeister en Bonda, waarin is vastgesteld dat dergelijke administratieve sancties niet strafrechtelijk zijn. Ook wordt ingegaan op de verhouding tussen EU-recht, het Handvest van de grondrechten en het EVRM, en de toetsing van het EHRM aan de aard en zwaarte van sancties.
De zaak wordt vernietigd en terugverwezen naar het hof Arnhem-Leeuwarden voor hernieuwde behandeling. Hiermee wordt bevestigd dat de combinatie van een administratieve GLB-korting en een strafrechtelijke vervolging mogelijk is zonder strijd met het ne bis in idem-beginsel, mits de administratieve maatregel geen strafrechtelijke aard heeft.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug omdat de subsidie-korting geen strafrechtelijke sanctie is en strafvervolging niet wordt belemmerd door ne bis in idem.